Auteur: Marcel Hendriks

De bank van God

Hudson Taylor woont als jonge man in Hull, een arme stad in Ierland. ’s Avonds laat wordt er op zijn deur geklopt. Komt u snel! Mijn vrouw ligt op sterven en u moet voor haar bidden. Hudson Taylor loopt mee

A letter from hell

Dear reader, I am writing this letter because I want to warn you seriously not to come to this terrible place where I am now! Hell is really a terrible place. I constantly suffer from pain in the flames! Because

Een brief uit de hel

Geachte lezer(es), Ik schrijf u deze brief omdat ik u ernstig wil waarschuwen om alstublieft niet op deze verschrikkelijke plaats te komen waar ik nu ben! De hel is echt een verschrikkelijke plaats. Ik lijd constant pijn in de vlammen!

Mijn opa en oma

Afgelopen zondagmorgen 14 januari 2018 overleed mijn lieve oma Cornelia Maria Suurland – van der Kruit in de leeftijd van 93 jaar. Bijna 45 jaar lang is mijn oma één van de belangrijkste en liefdevolle mensen in mijn leven geweest

De tweeling

In een baarmoeder zaten twee baby’s. De ene vroeg aan de ander: ‘Geloof jij in leven na de bevalling?’ De ander zei, ‘Maar, natuurlijk. Er moet ‘iets’ zijn na de bevalling. Misschien zijn we hier om ons voor te bereiden

Modern kerstfeest

Vanuit de diepte van mijn welvaartsstaat roep ik tot U, tot Gij U vinden laat. Want ik heb alles wat mijn hart begeert, alleen ‘t geloven heb ik afgeleerd. De woorden van het oude kerstverhaal spreken voor ons een onverstaanb’re

Eenzaam hout

Een man die regelmatig naar de kerk ging, bleef opeens thuis. Na een paar weken besloot de predikant bij hem langs te gaan. Het was een gure avond. De dominee trof de man thuis aan voor een knapperend haardvuur. De

Bidden helpt!

Een twee-onder-een-kap woning wordt de ene kant bewoond van door een godvrezende weduwe, die maar ternauwernood rond kan komen van het weinige geld dat ze ontvangt. De andere helft wordt bewoond door een klein gezin, waarvan de vader zeer vijandig

We kunnen niet zonder elkaar

Hoe het eigenlijk begonnen was, wist niemand nog te vertellen; noch de neus, noch het oor, noch de voet, noch de hand of de mond. Ze behoorden allemaal tot één lichaam, ze hadden ieder een eigen taak. De mond was

Met Kracht omvat

Ik laat niet los Heer, Uw uitgestoken hand. Ook al lijk ik iedere keer te verdwalen in een onbegaanbaar land.   Ik laat Uw hand niet los Heer, ik weiger op te geven. Al doet Uw greep soms best wel

Top